Welkom bij de Vereniging van de Vlaamse Provincies.

Inhoud

  1. Een belangrijk beleidsdomein
  2. Ruimtelijke planning
  3. Bouwberoepen
  4. Witboek Ruimte Vlaanderen
  5. De omgevingsvergunning


1. Een belangrijk beleidsdomein

Ruimtelijke ordening is voor de provincies een belangrijk beleidsdomein. Er zijn verschillende redenen:

Door het decreet op de ruimtelijke ordening  kunnen de provincies een eigen bovenlokaal, streekgericht ruimtelijk beleid voeren. Bovendien adviseren en ondersteunen de provincies niet alleen het gemeentelijk ruimtelijk beleid, maar ze moeten het ook goedkeuren. Tot slot kan men bij de provincie in beroep gaan tegen beslissingen van het college van burgemeester en schepenen inzake bouwvergunningen.

 

2. Ruimtelijke planning

Inzake ruimtelijke planning maken de provincies (net als Vlaanderen en de gemeente) ruimtelijke structuurplannen en ruimtelijke uitvoeringsplannen.

Een ruimtelijk structuurplan is een beleidsdocument dat de visie aangeeft voor de gewenste ruimtelijke structuur. Het geeft een langetermijnvisie op de ruimtelijke ontwikkeling van een gebied. Het is erop gericht samenhang te brengen in de beslissingen die de ruimtelijke ordening aanbelangen. Het is geen plan dat een concrete bestemming voor een bepaald perceel vastlegt.

Het provinciaal ruimtelijk structuurplan richt zich naar het ruimtelijk structuurplan Vlaanderen. Het is de basis voor het ruimtelijk beleid dat de provincie in de toekomst wil voeren. Het geldt voor het hele grondgebied van de provincie. De deputatie is belast met de opmaak van het provinciaal structuurplan en het is, na een welomschreven procedure, de provincieraad die het definitief vaststelt en de Vlaamse regering die het goedkeurt.

Op zijn beurt richt het gemeentelijk ruimtelijk structuurplan zich naar het ruimtelijk structuurplan Vlaanderen en het provinciaal ruimtelijk structuurplan.

Om de ruimtelijke visie omschreven in een structuurplan verder vorm te geven kunnen zowel de Vlaamse overheid, de provincie als de gemeente Ruimtelijke Uitvoeringsplannen (RUP) opstellen.

Een ruimtelijk uitvoeringsplan is een grafisch plan tot op het niveau van de concrete percelen. Het geeft (voor een bepaald gebied) de bestemming en inrichting en de erbij horende stedenbouwkundige voorschriften.

Ook hier is er een ‘rangorde’ tussen de plannen. Zo mag het provinciaal ruimtelijk uitvoeringsplan niet afwijken van een gewestelijk uitvoeringsplan en dat van de gemeente niet van het gewestelijke en provinciale uitvoeringsplan dat eventueel voor datzelfde gebied werd opgemaakt.

De deputatie is belast met het opmaken van provinciale ruimtelijke uitvoeringsplannen. De provincieraad stelt het provinciaal ruimtelijk uitvoeringsplan definitief vast. Het wordt goedgekeurd door de Vlaamse regering.

 

3. Bouwberoepen

Stedenbouwkundige vergunningen (de toestemming om te bouwen) worden verleend door het college van burgemeester en schepenen.

Diegene die de vergunning aanvraagt (de vergunningsaanvrager) kan, indien hij het niet eens is met de beslissing van het college of tegen het uitblijven van een beslissing, een beroep instellen bij de deputatie. In bepaalde gevallen kunnen ook natuurlijke personen of rechtspersonen die hinder zouden kunnen ondervinden van de vergunde werken beroep instellen.

Het beroep schorst de uitvoering van de vergunning en de deputatie onderzoekt de aanvraag volledig opnieuw.

De aanvrager, het college van burgemeester en schepenen, de adviserende instanties, de gewestelijke stedenbouwkundige ambtenaar of degene die beroep instelt worden op hun vraag door de deputatie of een delegatie gehoord. Het is de deputatie die beslist de vergunning al dan niet toe te kennen.

 

4. Witboek 'Ruimte Vlaanderen'

De Vlaamse Regering keurde op 30 november 2016 het “Witboek Beleidsplan Ruimte Vlaanderen” (BRV) goed. Zij heeft het document voor advies voorgelegd aan onder meer de VVP. De provincies nemen vanuit hun missie reeds een grote rol op bij de bovenlokale beleidsvoering in grondgebonden aangelegenheden onder meer met betrekking tot de afbakening van stedelijke gebieden en de gebiedsgerichte projecten. De VVP vindt het dan ook evident dat de Vlaamse regering deze bevoegdheden bevestigd in het definitieve BRV.

De VVP onderschrijft in grote mate de geformuleerde strategische doelstellingen (6) en ruimtelijke ontwikkelingsprincipes (49) van het “Witboek”. Zij dienen het resultaat te zijn van een samenwerking tussen overheden, maatschappelijke organisaties, burgers en ondernemingen. De provincies staan achter deze samenwerking, maar stellen de vraag of de uitvoering hiervan niet te vrijblijvend wordt gemaakt?

 Het interbestuurlijk denken is voor de VVP nog onvoldoende uitgewerkt en geïntegreerd in het “Witboek”. Bijvoorbeeld de relatie met het Brussels Hoofdstedelijk Gewest komt slechts heel beperkt aan bod niettegenstaande het belang van een geïntegreerde en afgestemde visie tussen beide Gewesten.

De VVP vraagt ten slotte dat in het kader van het optimaliseren van de Vlaamse bestuurscultuur de gemeenten en provincies volwaardig betrokken dienen te worden bij de verdere uitwerking van het “Witboek” naar een “Beleidsplan Ruimte Vlaanderen”. Alvast zou zo’n interbestuurlijk draagvlak de concrete uitvoering van het BRV bevorderen.

Het volledige advies kan u hier raadplegen.

De specifieke adviezen van de provincies:

 

5. De omgevingsvergunning

De intrede van de omgevingsvergunning hervormt het vergunningenlandschap zeer sterk. Ze vervangt en verenigt de stedenbouwkundige vergunning en de milieuvergunning. Klik hier voor meer informatie.