Skip to main content
FilePdf

Toerisme

Toerisme is bij uitstek een grondgebonden materie waarbij de provincies een belangrijke rol spelen op bovenlokaal vlak. Ze doen dit vanuit 5 specifiek daartoe opgerichte provinciale toeristische organisaties (PTO’s): Westtoer, Toerisme Oost-Vlaanderen, Toerisme Provincie Antwerpen, Toerisme Vlaams-Brabant en Toerisme Limburg. In complementariteit met het agentschap Toerisme Vlaanderen (TVL) en vanuit  hun geprivilegieerde relaties met zowat alle steden en gemeenten en met de private actoren “on the ground” vervullen de PTO’s de taak van regisseur inzake de toeristisch-recreatieve ontwikkeling en promotie van de 12 toeristische regio’s in Vlaanderen. De PTO’s leveren op deze wijze een essentiële bijdrage aan de Vlaamse economie en zorgen ook via hun sterke recreatieve producten voor het welzijn van hun provinciegenoten. Ze leggen hierbij de nadruk op een duurzame toeristische ontwikkeling. Hun aanpak kan omschreven worden als bottom up, concreet, innovatief en vraag- en kennisgedreven.

Toerisme Provincies

Toerisme met streken

Het Vlaams grondgebied werd verdeeld in 12 toeristische regio’s (excl. kust en kunststeden), die gepromoot worden door de PTO's en provinciebesturen in het binnenland, en door Toerisme Vlaanderen in het buitenland. Het toerismebeleid geldt daarom als een typevoorbeeld van interbestuurlijke samenwerking en bestuurlijke complementariteit.

Elke provincie heeft zijn eigen toeristische sterktes en troeven. De PTO’s kiezen voor een maatwerkstrategie, waarin differentiatie per streek centraal staat. De PTO’s treden op als een gebiedsgerichte regisseur van het toeristisch beleid in de 12 Vlaamse toeristische regio’s: Kust, Westhoek, Brugse Ommeland, Leiestreek, Meetjesland, Vlaamse Ardennen, Scheldeland, Waasland, Groene Gordel, Hageland, Antwerpse Kempen, Limburg 

Strategische Planning

Voor elk van deze regio's ontwikkelen de PTO's een overkoepelende visie voor toerisme en recreatie, meestal strategisch beleidsplan of strategisch actieplan genoemd (zie bv. Strategisch Beleidsplan Scheldeland 2014-2019). Door gebiedsgericht en bovenlokaal in te zetten op deze toeristische regio's dragen de provinciebesturen in aanzienlijke mate bij tot de uitbouw ervan. De PTO's betrekken en ondersteunen de lokale besturen en zorgen ook voor een beleid dat nauw aansluit bij de noden van groot- en kleinschalige toeristische ondernemers en andere private actoren.

Tot deze noden behoort ook de omslag naar een duurzamer toeristisch aanbod. De PTO’s maken van de ontwikkeling van een duurzaam toeristisch aanbod een speerpunt en prioriteit. De promotie van kortbijvakanties draagt bij aan de ecologische duurzaamheid. De ondersteuning van de economische leefbaarheid van kleinschalige en familiale toeristische bedrijven, draagt bij aan de economische duurzaamheid. En de provinciale maatregelen inzake drempelvrij, budgetvriendelijk toerisme verzekeren ook de sociale duurzaamheid van het toeristisch aanbod.

Regisseursrol

De provincies hebben dankzij hun breed lokaal netwerk, hun terreinkennis en hun expertise voldoende ‘kritische massa’ om de bestemmingsontwikkeling binnen een bepaalde toeristische regio op een geïntegreerde manier te regisseren. De PTO’s engageren zich in de begeleiding, de advisering en de opvolging van bovenlokale toeristische projecten. In samenwerking met de betrokken partners versterken de provincies de regionale verankering van dergelijke projecten, om zo een maximale efficiëntie en hefboomwerking te garanderen voor de lokale toeristische ondernemers. Samen met de gemeenten en de private actoren staan de provincies ook in voor een sterk netwerk van toeristische onthaal- en begeleidingspunten.

Fietsnetwerken

De belangrijkste realisatie van de provincies is het uitbouwen van de fietsnetwerken die overal in Vlaanderen volgens dezelfde principes zijn ontwikkeld. Naast een grote toeristische meerwaarde vormen deze netwerken ook een belangrijke troef voor de openluchtrecreatie van de eigen inwoners. Ook het wandelen is voor de provincies een sterke productlijn, met diverse wandelnetwerken, wandelgebieden en lusvormige routes. De PTO’s staan ook voor de communicatie en de marketing van deze producten en verhogen hiermee de “return on investment” van hun fiets- en wandelnetwerken.

Een mooi voorbeeld van deze promotie van producten is het gezamenlijk initiatief ‘Fietsvakanties in Vlaanderen’, waarmee de provincies de lead nemen inzake recreatief fietsen in Vlaanderen. De provincies werken met name samen om (op B2B-niveau) meerdaagse fietsvakanties in Vlaanderen internationaal te laten groeien. Zo ontplooien ze een gevarieerd aanbod, meer boekingen en een sterk imago voor Vlaanderen als fietsvakantiebestemming. De provincies zullen hun verantwoordelijkheid opnemen en erover waken dat de continuïteit en dynamiek in de sector verzekerd zijn wanneer het project eind 2019 afloopt.

Marketing en Bestemmingspromotie

De provincies staan voor elk van hun toeristische regio’s in voor een marketingcampagne op de binnenlandse markt. Naast provinciale budgetten brengen de meeste provincies ook middelen van gemeenten en private actoren samen in een promotiepool om zo de 12 Vlaamse toeristische regio’s op een efficiënte manier en met voldoende schaalgrootte op de toeristische kaart te zetten.

In de komende periode wordt daarnaast extra aandacht besteed aan de promotie van het zakelijk toerisme en specifieke MICE-bestemmingen (Meetings, Incentives, Conventions en Exhibitions).

 

Arrangementenboek Logeren in Vlaanderen Vakantieland

 

Logeren in Vlaanderen

Met het Vlaams niveau werd in het kader van het Witboek Interne Staatshervorming (2011) afgesproken dat de provincies vanaf 2012 zouden instaan voor de overkoepelende marketing op de binnenlandse markt. In dit kader namen de provinciebesturen eind 2012 de campagne Vlaanderen Vakantieland met de arrangementenbrochure en de website over van TVL. De 5 PTO's werken rond deze interprovinciale aanpak samen in de vzw Logeren in Vlaanderen, waarmee sterke resultaten worden geboekt: het redemptieonderzoek van studiebureau M.A.S. wees uit dat er dankzij de campagne 2018 132.693 boekingen werden gerealiseerd met een omzet van 64,4 miljoen euro – meer dan een verdubbeling ten opzichte van beginjaar 2012. Voor de campagne 2019 hebben 460 logiesondernemers ingetekend op het pakket arrangementenboek/website en opteerden nog eens 419 uitbaters voor de website. Dat levert een totaal van 879 adverteerders.

Studie M.A.S.

 

    Horeca Vlaanderen werkt zeer intensief en aangenaam samen met de (PTO’s) i.k.v. Logeren in Vlaanderen. Toerismebeleid is voor de horeca van cruciaal belang. De tewerkstellingskansen in toerisme zijn zeer groot en hebben in ons land nog lang het plafond niet bereikt. De samenwerking tussen horeca en de provincies zorgt dus niet alleen voor een goede promotie van onze hotels en onze eet-, drink- en tafelcultuur, maar rechtstreeks ook voor heel wat economische meerwaarde en tewerkstelling. De PTO’s doen dit bovendien op een geïnspireerde, gemotiveerde en professionele wijze.

    Danny Van Assche - Voormalig Afgevaardigd Bestuurder Horeca Vlaanderen

    Kenniscentra

    Bovenstaande doelstellingen worden steeds bereikt met een onderbouwde aanpak. De provinciebesturen staan in voor het verzamelen van een set van gegevens, met informatie ter versterking van het lokaal en provinciaal toeristisch beleid en ter ondersteuning van het privaat toeristisch ondernemerschap.

    De belangrijkste verzamelde data zijn:

    • data met betrekking tot logies (tot op het niveau van een toeristische regio)
    • data over het gedrag en de kenmerken van toeristen
    • data over toeristische activiteiten
    • regio- en beleidsgericht (cyclisch) onderzoek
    • onderzoek naar de bestedingen en het profiel van recreanten en toeristen op de fiets- en wandelnetwerken

    Conclusie

    Toerisme is een grondgebonden bevoegdheid van de Vlaamse provincies. Via de PTO’s zetten de provincies hun expertise en beleidsmogelijkheden maximaal in. Hun werking is gefocust op de 12 toeristische regio’s in Vlaanderen. Hierbij streven de provincies naar een evenwichtig partnerschap met de lokale publieke en private actoren en naar complementariteit met TVL. Op marketingvlak behalen de provincies met de gezamenlijke aanpak rond Logeren in Vlaanderen zeer goede resultaten. Hun terreinkennis en hun uitstekende samenwerking met de private actoren in de diverse toeristische regio’s vormen de basis van dit succes.

    In de aanloop naar de Vlaamse verkiezingen van 26 mei 2019 en het aantreden van een nieuwe Vlaamse Regering, betuigden de PTO’s hun bereidheid om samen met Logeren in Vlaanderen opnieuw de dialoog heropstarten met Toerisme Vlaanderen. In het verdere verleden verleende TVL substantiële subsidies aan hefboomprojecten in de 12 toeristische regio’s en droeg zo in belangrijke mate bij aan de toeristisch-recreatieve ontwikkeling van deze bestemmingen. Nu TVL het Toerisme Transformeert-principe voorop stelt hebben de Provincies grote belangstelling voor een eventuele bijsturing van het huidige subsidiebeleid dat er vooral op gericht was om toeristen uit verre buitenlandse markten naar de kunststeden te brengen. De PTO’s blijven verder vragende partij voor een correcte toepassing van de principes inzake marketing uit het Witboek Interne Staatshervorming van 2011 en stellen een sterkere marketinginzet van TVL op de buurlanden voor, meer bepaald op de Nederlandse markt al dan niet in samenwerking met de PTO’s en Logeren in Vlaanderen.

    Bijlagen

    Witboek Interne Staatshervorming

    Download

    Contact

    Stafmedewerker: Alban Pols (alban.pols@vlaamseprovincies.be of 02 508 13 24).

    Elke provincie is uiteraard uniek. Ontdek hier het aanbod van uw provinciebestuur of PTO: